De boot is aan

Vanaf vrijdag strijkt de Gay Pride weer neer in Amsterdam. Ook dit jaar is het raak: veel discussie over grote bedrijven die de Amsterdam Pride financieren en een vaste stek hebben in de botenparade. Bij het feest van emancipatie en trots, dreigt de LHBTI-gemeenschap zelf onder te sneeuwen. Zo ontstaat het gevoel dat iets kostbaars verloren gaat; een gevoel dat steeds meer in de samenleving voorkomt.

De financiële steun vanuit grote bedrijven als Uber, Schiphol en Google is onmisbaar om het feest te organiseren. Is die commercie dan slecht? Eerder las ik in de krant ook een pleidooi voor het behoud van grote bedrijven voor de Pride. De schrijver van die lezersbrief legt uit waarom het helemaal niet oneerlijk is dat vorig jaar 15 bedrijven een eigen boot hadden: ze leverden een maatschappelijke bijdrage, maar ook de meeste centen in het laatje. Niet onbelangrijk: 40 LHBT-organisaties hadden een boot. Geen gekke verhouding, toch?

Toch knaagt het dat mooie boten uit de gemeenschap zelf het lastig hebben. Veel vernieuwende boten die onmisbaar zijn tijdens de Pride hebben jaar in jaar uit moeite met het bij elkaar sprokkelen van het inschrijfgeld. Alleen dit jaar al was er bijvoorbeeld onzekerheid over de plek van de LHBTQIAP+ boot voor sekswerkers of de Marokkaanse boot Pink Marrakech. Crowdfunding is voor kleine organisaties moeilijk. En er is juist wel een enorme behoefte aan diversiteit tijdens de Parade. Dus de boot is aan.

Valt het de grote bedrijven te verwijten dat andere initiatieven het moeilijk hebben? Nee. De Amsterdam Pride hanteert namelijk een solidariteitsprincipe: grote bedrijven betalen veel meer dan kleine maatschappelijke organisaties. Als die bedrijven hun plek zouden opgeven, dan zou zomaar de organisatie van de gehele Pride in gevaar kunnen komen.

Wat ik in deze discussie mis is het bewustzijn dat naast bedrijven en LHBT-organisaties ook politieke partijen meevaren. Zij kunnen bijna dagelijks laten zien waar ze voor staan: met hun plannen, hun stemgedrag en in de media. Is het dan een gek idee om het nut van hun aanwezigheid tijdens de Canal Parade ter discussie te stellen? Zij leveren eigenlijk een grotere bijdrage aan de Amsterdam Pride, als ze afstappen van hun prominente plek. Ik zou willen dat de politiek niet zelf op de voorgrond staat, maar een bijdrage levert aan de (financiering van) boten voor kleinere emancipatoire LHBT-organisaties. Zo kan de Pride Amsterdam voortbestaan, krijgen emancipatoire boten de ruimte en leveren politieke partijen écht een nuttige bijdrage aan de Pride.

Het past in het broodnodige heruitvinden van de rol van politieke partijen in onze samenleving. Uiteindelijk doen politieke partijen mee om te tonen dat ze het belangrijk vinden dat LHBTI’s kunnen zijn, wie ze zijn. Dat is mooi. Maar hoe kan dat beter dan door juist die groepen die het extra moeilijk hebben te helpen bij deelname aan de botenparade? Dus waar wachten we nog op. VVD, GroenLinks, PvdA en D66: tijd voor actie.